Velde Planadvies

Dakkapel: voorwaarden en afmetingen volgens het Bbl

De vijf maten die bepalen of een dakkapel vergunningvrij is, met uitleg per eis en de meetpunten waar het in de praktijk misgaat.

10 augustus 20266 min lezenLaatst inhoudelijk gecontroleerd op 10 augustus 2026
Direct antwoord

Een dakkapel is ruimtelijk vergunningvrij als die in het achterdakvlak of een niet naar openbaar toegankelijk gebied gekeerd zijdakvlak staat en voldoet aan vijf eisen uit Bbl art. 2.29 onder b: een plat dak; vanaf de voet niet hoger dan 1,75 m; de onderzijde meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet; de bovenzijde meer dan 0,5 m onder de daknok; en de zijkanten meer dan 0,5 m van de zijkanten van het dakvlak. Alle eisen gelden tegelijk. Dit is een landelijke regeling: zij geldt overal in Nederland en is niet afhankelijk van het omgevingsplan. Voor het voordakvlak geldt zij echter niet, voor dakramen geldt een eigen regeling in art. 2.29 onder c, en bij monumenten en in beschermde gezichten is de regeling sterk ingeperkt (Bbl art. 2.30).

  • Plat dak is verplicht; een schuin dakje maakt de dakkapel vergunningplichtig.
  • Maximaal 1,75 m hoogte, gemeten vanaf de voet van de dakkapel.
  • Onderzijde: meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet.
  • Bovenzijde: meer dan 0,5 m onder de daknok.
  • Zijkanten: meer dan 0,5 m van de zijkanten van het dakvlak.

Dit artikel gaat uitsluitend over de maten. Voor de vraag of u überhaupt in de vergunningvrije route zit — welk dakvlak, monument of niet — leest u eerst Dakkapel: wanneer heeft u een vergunning nodig?.

De vijf eisen (Bbl art. 2.29 onder b)

#EisWaar het misgaat
1de dakkapel heeft een plat dakeen licht hellend of gebogen dakje voldoet niet
2gemeten vanaf de voet niet hoger dan 1,75 mde zinken afdeklijst of daktrim wordt vergeten mee te rekenen
3de onderzijde ligt meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoetbij een lage goot valt de dakkapel snel onder de 0,5 m
4de bovenzijde ligt meer dan 0,5 m onder de daknokeen hoge dakkapel voor extra stahoogte overschrijdt dit snel
5de zijkanten liggen meer dan 0,5 m van de zijkanten van het dakvlakbrede dakkapellen over de volle breedte voldoen niet

Deze eisen zijn cumulatief: één maat die niet klopt, maakt de dakkapel vergunningplichtig als omgevingsplanactiviteit.

Meetpunten in de praktijk

  • Voet van de dakkapel — het punt waar de dakkapel op het dakvlak aansluit. De 1,75 m wordt daarvandaan verticaal gemeten, inclusief de dakrandafwerking.
  • Dakvoet — de onderrand van het dakvlak, bij een schuine kap doorgaans ter hoogte van de goot.
  • Daknok — het hoogste punt van het dakvlak. Bij een asymmetrische kap kan de resterende ruimte tegenvallen.
  • Zijkanten van het dakvlak — bij een tussenwoning zijn dat de bouwmuren; bij een wolfseind of schild loopt de zijkant schuin, waardoor de vrije breedte kleiner is dan verwacht.

Rekenvoorbeeld

Een schuin dakvlak met een dakvoet op 3,0 m en een nok op 6,5 m. De onderzijde van de dakkapel moet dan tussen 3,5 m en 4,0 m liggen (meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet). De bovenzijde moet onder 6,0 m blijven (meer dan 0,5 m onder de nok). Legt u de onderzijde op 3,6 m, dan resteert 2,4 m tot die bovengrens — ruim binnen de eis van maximaal 1,75 m hoogte, dus die is hier maatgevend.

Dakramen zijn iets anders

Voor een dakraam of daglichtvoorziening geldt een eigen regeling (Bbl art. 2.29 onder c): in een achterdakvlak, een niet naar openbaar toegankelijk gebied gekeerd zijdakvlak of een plat dak mag het niet meer dan 0,6 m buiten het dakvlak uitsteken en moet het meer dan 0,5 m van de randen blijven; in een ander dakvlak mag het niet buiten het dakvlak uitsteken.

Locatievoorbehoud. De ruimtelijke regels hieronder zijn de regels van de bruidsschat: het tijdelijke deel van het omgevingsplan dat elke gemeente bij de invoering van de Omgevingswet automatisch heeft gekregen. Gemeenten mogen die regels handhaven, aanpassen of laten vervallen en moeten hun omgevingsplan uiterlijk eind 2031 hebben omgezet. Controleer daarom altijd het actuele omgevingsplan voor uw perceel via het Omgevingsloket.

Let ook op het uiterlijk

Bbl art. 2.29 laat regels in het omgevingsplan over het in stand houden van een bouwwerk die zien op ernstige ontsiering van het uiterlijk onverlet. Vergunningvrij betekent dus niet dat het uiterlijk buiten schot blijft.

Technische eisen blijven gelden

Een dakkapel onderbreekt dakconstructie en isolatieschil. Bij verbouw wijst het Bbl per onderwerp een verbouwniveau aan; voor constructieve veiligheid en voor isolatie zijn dat eigen normen, niet zomaar "het bestaande niveau". Laat de constructieve oplossing en de aansluitdetails daarom uitwerken.

Laat controleren wat op uw locatie mogelijk is

De vijf maten uit het Bbl laten zich op papier makkelijk lezen, maar moeten op uw eigen dakvlak passen. Wij meten het dakvlak in, controleren de maten en werken de dakkapel uit tot tekening. Leg uw plan aan ons voor.

Voorwaarden

Plaatsing in het achterdakvlak of een niet naar openbaar toegankelijk gebied gekeerd zijdakvlak, en cumulatieve toepassing van alle vijf maatvoeringseisen.

Uitzonderingen

Monumenten en rijksbeschermde stads- of dorpsgezichten (Bbl art. 2.30); omgevingsplanregels over ernstige ontsiering van het uiterlijk blijven van kracht (Bbl art. 2.29, aanhef).

Wettelijke referenties

  • Bbl art. 2.29 onder b
  • Bbl art. 2.29 onder c
  • Bbl art. 2.30
  • Bbl bijlage I

Veelgestelde vragen

Mag een dakkapel over de volle breedte van het dakvlak?
Nee, niet vergunningvrij. De zijkanten moeten meer dan 0,5 m van de zijkanten van het dakvlak blijven (Bbl art. 2.29 onder b, 5°).
Hoe hoog mag een vergunningvrije dakkapel zijn?
Gemeten vanaf de voet niet hoger dan 1,75 m, en de bovenzijde moet bovendien meer dan 0,5 m onder de daknok blijven.

Officiële bronnen

Uw bouwplan

Wilt u weten wat dit betekent voor uw bouwplan?

Vraag vrijblijvend een prijsopgave aan of neem persoonlijk contact met ons op.

Gerelateerd

Meer artikelen die u wellicht interesseren